Molen 'de Koornbloem' te Goes

Anno 1801: de Koornbloem

Voorganger van de Koornbloem was een oliemolen, een standerdmolen die in 1771 afbrandde. In 1801 bouwde Pieter Remijn de korenmolen op de noordwestelijke stadswal.

Op de plaats van deze woning werd in 1809 een roskorenmolen gebouwd, die omstreeks 1867 plaats maakte voor het eerste woonhuis.

De Koornbloem is gebouwd als vervanger van een andere oude standerdmolen die op de noordzijde van de stadswal heeft gestaan, beter bekend als het Bastion.

In een gedenkschrift dat aan Pieter Remijn is aangeboden ter gelegenheid van de nieuw gebouwde molen in 1801 staat o.m. het volgende:

”wijk standerdmolen nu, verhuist van onzen grond, daar gij twee eeuwen en zeven jaren stond, dien vrij een ander volk, verstrek hun tot een zegen,men heeft in uwe plaats een beter pand verkregen”

De oude stadskorenmolen, de Noordmolen is omstreeks 1594 herbouwd, verplaatst of herplaatst mogelijk vanwege de vernieuwingen van de verdedigingswerken.


De molen is gemetseld van Vlaamse (Boomse) steen. Ook het binnenwerk destijds met twee koppel stenen, een voor de buul en een voor de krop is in Vlaanderen gemaakt.

De molen is op 3 december 1801 voor het eerst gaan malen.
Gedenksteen

De gedenksteen die rechts van de toegangsdeur is aangebracht beschrijft de volgende tekst:

'Deze molen is gesticht door P. Remijn, met toestemming van de Leden der Raad en Directeuren dezer stad. 

Den eerste steen is gelegt door Id Remijn Pz op den 9 april 1801 en de laatste door Cs. Steyn. 

Dat gy niet wilt Dat u geschiet Doet het ook Aen een ander niet.



Gedenksteen bij de ingang van de molen